Profile

Mag de verhuurder, nadat jarenlang niet is geïndexeerd, alsnog betaling van het geïndexeerde gedeelte vorderen?

10 april 2017

Hoewel de huurovereenkomst van 230a-ruimte voorzag in automatische indexering van de huurprijs, heeft een verhuurder de huurprijs slechts de eerste twee jaar geïndexeerd. Vanaf 2002 heeft hij maandelijks een factuur aan de huurder gestuurd voor de onaangepaste huurprijs.

De rechtsopvolger van de verhuurder heeft in 2013 aanspraak gemaakt op betaling van achterstallige huur en het geïndexeerde gedeelte van de huurprijs, in totaal een bedrag van € 33.886,05.

Volgens de huurder heeft de (rechtsopvolger van de) verhuurder het recht om betaling van het geïndexeerde gedeelte van de huurprijs te vorderen, verwerkt. De kantonrechter heeft overwogen dat een geslaagd beroep op rechtsverwerking inhoudt dat uit een verklaring en/of gedraging blijkt dat geen aanspraak meer op een recht zal worden gemaakt. Volgens de kantonrechter voorzag de huurovereenkomst weliswaar in automatische indexering, maar heeft de huurder uit de gedragingen van verhuurder, eruit bestaande dat hij maandelijks middels een factuur aanspraak heeft gemaakt op de niet-geïndexeerde huurprijs, redelijkerwijs kunnen en mogen afleiden dat verhuurder afstand deed van zijn recht op indexering.

In hoger beroep overweegt het hof dat de huurder uit de omstandigheden dat verhuurder over een lange periode maandelijks slechts de onaangepaste huurprijs heeft gefactureerd en dat diens rechtsvoorganger slechts gedurende twee jaar de huurprijs heeft geïndexeerd en later niet meer, niet mocht afleiden dat het indexeren van de huurprijs op een keuze berustte, daarbij in aanmerking genomen het bepaalde in de huurovereenkomst ten aanzien van automatische indexering van de huur. Dat facturen voor een niet-geïndexeerde huurprijs werden gestuurd, wees er volgens het hof slechts op dat de verhuurder de indexering over het hoofd zag.

De huurder heeft volgens het hof een eigen verantwoordelijkheid om in de gaten te houden wat hij moest betalen. Dat de verhuurder in kwestie een professionele partij is, doet daar niet aan af.

Het is aan de verhuurder om tijdig aanspraak te maken op betaling van een geïndexeerd gedeelte van de huurprijs. De wettelijke verjaringstermijn bedraagt vijf jaar. De verhuurder in deze zaak kon daarom slechts aanspraak maken op betaling van het geïndexeerde gedeelte vanaf 2008, terwijl vanaf 2002 al niet meer geïndexeerd was.

Paula van den Berg, pvandenberg@bilt.nl